Begrippenlijst
Alle moeilijke begrippen over hypotheken voor u op een rijtje. Bij het regelen van uw hypotheek komt u diverse zaken en begrippen tegen. De begrippen waar wij de meeste vragen over ontvingen, vindt u door op de letter te klikken.
Mist u een begrip? Laat het ons weten per email.
(klik op een letter)
W |
| Waarborgsom | Zekerheidsstelling voor de verkoper
bij verkoop van een woning tot aan transportdatum. Bij de koop van een
bestaand huis kan men overeenkomen dat de koper in afwachting van het
transport een bepaald deel van de koopsom (oplopend tot 10%) als waarborg
stort bij de notaris. Dit kan ook via een bankgarantie. |
| Wegneembeding | Hypotheekbeding waardoor aan de
geldlener het recht wordt ontnomen om latere verbeteringen aan de woning
weer ongedaan te maken. |
| Werkelijke rente | |
| Werkloos | |
| Winstdelingsregeling | Bij traditionele
levenhypotheken spaart men via de premiebetalingen een bedrag waaruit later
de hypotheek wordt afgelost.
Over dit spaardeel ontvangt de (verzekerings)maatschappij rente.
De verzekerde kan hierin meedelen, als de polis tenminste een
winstdelingsclausule bevat. |
| Woonhuisverzekering | |
| Woonquote | |
| WOZ-waarde | De Wet WOZ regelt de waardebepaling en
waardevaststelling van alle onroerende zaken in Nederland: woningen,
openbare gebouwen en bedrijfspanden.
De uitkomst van deze waardering wordt gebruikt bij het heffen van
verschillende belastingen. Zo wordt de WOZ-waarde doorgegeven aan
bijvoorbeeld de Belastingdienst en waterschappen.
Met ingang van 2005 ontvangt u jaarlijks de WOZ-beschikking met het
aanslagbiljet gemeentelijke belastingen (was voorheen eens in de vier jaar),
waarbij deze geldt voor de termijn van 2 jaar (peildatum is 1 januari 2003).
Het komende WOZ-tijdvak loopt van dus 1 januari 2005 tot en met 31 december
2006 De WOZ-waarde wordt ook gebruikt bij de berekening van het
eigen-woning-forfait. Bij eigen woning bezit moet u dan een deel van de
WOZ-waarde bij uw inkomen optellen. |